Het Brouwproces

Geplaatst door: Roel Categorie: Algemeen op:

Bier, De gouden drank! Zo veel soorten, stijlen en smaken. Tegenwoordig is het voor veel mensen niet meer weg te denken bij een gezellige avond en worden er genoeg activiteiten georganiseerd rond dit fantastische drankje. Maar hoe word het eigenlijk gemaakt? Waar komen deze bijzondere smaken toch vandaan? Wanneer je weet hoe jouw favoriete biertje gemaakt wordt en hoe de smaken tot stand zijn gekomen kijk je er misschien wel heel anders naar. In deze blog vertellen we kort hoe het brouwproces van bier in zijn werk gaat.

Bier bestaat voornamelijk uit vier ingredienten: Water, graan (meestal gerst), hop en gist. Alle vier zijn ze van groot belang voor de smaak van het bier. Naast deze hoofdingrediënten kunnen er natuurlijk ook nog andere smaakmakers worden toegevoegd, zoals verschillende soorten kruiden of fruit. Voordat het bier in een fles, fust, blik en dergelijke gedaan wordt bestaat het brouwproces uit zeven stappen: Mouten, Schroten, Maïschen, Filteren, Koken, Gisten en lageren.

Mouten

Het graan is een erg belangrijke factor in het bier en het brouwen. Hier moet namelijk de alcohol en het koolzuur vandaan komen. Dat gaat natuurlijk niet zomaar. Er zijn verschillende graansoorten die gebruikt kunnen worden voor bier. De meest gebruikte is gerst, maar ook van bijvoorbeeld tarwe, haver, rogge, maïs of rijst kan bier gemaakt worden. Met de gewone graankorrel kan een brouwer niet veel. Deze moet eerst gemout worden. Bij het mouten worden de graankorrels bevochtigd in een warme ruimte, waardoor ze gaan kiemen. Het kiemproces zorgt voor de ontwikkeling van enzymen die van belang zijn tijdens het brouwproces. Tijdens het brouwen wordt het zetmeel uit de graankorrels door die enzymen omgezet in suikers, wat door gist weer wordt omgezet in alcohol en koolzuur. Het kiemproces wordt gestopt door de graankorrels te verhitten. Hierdoor droogt het kiempje uit en kan het van het graag afgeborsteld worden. De korrels die nu vol zitten met zetmeel en de enzymen noem je nu Mout. De mout wordt soms geroosterd waardoor je een donkerdere kleur in je bier krijgt en sommige warme smaken als koffie en chocolade kunnen ontstaan.

Schroten

De mout houdt natuurlijk zijn stoffen goed verpakt. Om bij deze stoffen te kunnen moet de brouwer eerst de mout vermalen. Hierdoor breekt de mout open en kunnen de enzymen en het zetmeel vrijkomen. Het is belangrijk dat de mout grof gemalen wordt en niet tot een poeder veranderd. Wanneer straks het zetmeel uit de mout gehaald is worden de resten (het kaf) later gebruikt om het biermengsel te filteren. Wanneer de mout geschroot is noem je het Schroot.

Maïschen

Bij het maïschen wordt het schroot in water opgelost. Hiervoor wordt het mengsel geleidelijk verwarmd. Bij verschillende temperaturen hebben de verschillende enzymen hun optimale werking. Tijdens dit proces wordt het zetmeel losgemaakt van de mout en langzaam omgezet in vergistbare suikers.

Filteren

Wanneer de enzymen hun werk gedaan hebben zijn nu dus de suikers en andere stoffen uit de mout opgelost in het water. De moutresten kunnen nu worden gescheiden van de vloeistof. Het suikerrijke vocht noemen we Wort, en de overgebleven moutresten noemen we Bostel of Draf. Veel brouwers geven de bostel aan veehouders om het te gebruiken als veevoer, maar ook zou je er bierbostelbrood en dergelijke van kunnen maken.

Koken

Zoals de naam al zegt gaat de wort naar een kookketel om daar enige tijd te worden gekookt. Tijdens het kookproces worden op verschillende momenten de hoppen toegevoegd. Je hebt zogenaamde aromahoppen en bitterhoppen. De naam zegt het eigenlijk al: de bitterhoppen zorgen voor de bitterheid in het bier en de aromahoppen zorgen voor de aroma’s. Het aantal soorten hop is enorm groot en door het kruisen van verschillende hopsoorten blijft het aantal alleen maar groeien. Aan het begin van het kookproces worden vaak bitterhoppen toegevoegd. Zij zorgen voor de bitterheid in het bier. De aromahoppen volgen aan het eind van het kookproces, zodat de hoparoma’s bewaard blijven. Hop zorgt echter niet alleen voor de bittere en hoppige smaak van bier, maar ook voor een stabiele schuimkraag en de betere conservering. Het kookproces en de hop zorgen er ook voor dat een groot deel van de in het wort aanwezige eiwitten uitvlokken en gefilterd kunnen worden. Na het kookproces wordt de wort zo snel mogelijk gekoeld. Het snel koelen is belangrijk om schadelijke invloeden van buitenaf geen kans te geven. Dan gaat het naar de vergistingstank om te gisten.

Gisten

Gist wordt gezien als de ziel van het bier. Het is een klein eencellig organisme dat suikers omzet in koolzuur en alcohol. Vanaf nu is er sprake van bier. Behalve het aanmaken van alcohol en CO2 produceert gist ook de nodige afvalstoffen en is hiermee verantwoordelijk voor een groot deel van de smaken in het bier. Je hebt bij bier meerdere soorten vergistingen. Lage- of Ondergisting, bij een lage temperatuur (ongeveer 5°C) duurt de gisting langer en zakt de gist naar de bodem. Het resultaat van deze gisting komt meestal uit op een Lager of Pilsener. Hoge- of Bovengisting, wanneer de gisting plaatsvindt bij kamertemperatuur rijst de gist langzaam naar boven. De gist komt als een deken op het bier drijven. Dit wordt bij de meeste speciaal bieren gebruikt. De duur van de gisting hangt af van de gistingsmethode en de gistsoort. Wanneer de werking van de gist is afgelopen wordt het bier overgeheveld naar een andere tank of vat om daar nog een tweede keer te gisten en te rijpen. dit laatste proces noemen we Lageren.

Lageren

De tweede gisting vindt plaats in gesloten kuipen en wordt ook wel lageren genoemd, afgeleid van het Duitse woord voor opslaan. Omdat de kuipen gesloten zijn, kan het koolzuur niet ontsnappen en kan het bier bruisend en prikkelend worden doordat het koolzuur in het bier opgenomen zal worden. De duur van het lageren hangt af van het soort bier en het soort gist. Meestal is dit ongeveer een week, maar bij sommige bierstijlen kan dit maanden duren. Sommige brouwerijen laten het bier op eikenhoutenvaten, die soms eerder gebruikt zijn voor bijvoorbeeld wijn of bourbon, lageren waardoor je een hele andere smaakverandering krijgt. De laatste jaren zijn Barrel-Aged bieren erg populair geworden en word het ook door veel microbrouwerijen opgenomen.

Bottelen 

Hierna kan het bier worden afgevuld op fles, fust, blik en dergelijken en vervolgens afgesloten met een kurk, kroonkurk, schroefdop of beugeldop. Vaak wordt het bier eerst nog eens gefilterd voordat het gebotteld word. Hierdoor krijg je een helder bier. zoals je ziet bij de meeste pilseners. Witbier, weizeners en de meeste zwaardere bieren, zoals de bekende trappisten, worden niet gefilterd en hebben een nagisting op de fles. Hierbij wordt er meer gist en suikers toegevoegd vlak voordat het in de fles gaat, zodat het bier in de fles nog meer veranderd. Na het bottelen is het belangrijk om het bier nog even te laten rusten voor het te drinken.

Na een lang proces van brouwen en wachten is het natuurlijk tijd om zelf een fles open te trekken. Denk bij je volgende biertje eens aan al het werk wat er achter zit. Bier blijft veranderen, Bier blijft speciaal. Geniet ervan. Proost!

Get in touch

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit moment.

Laat je reactie achter

zondag maandag dinsdag woensdag donderdag vrijdag zaterdag januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december

Nieuw account registreren

Heb je al een account?
Log dan in Of Wachtwoord resetten